Sophie Janssens, Wetenschappelijk

Aristide Bruant als naturalistische feminist

Sophie Janssens;
Geschiedenis, Nederlandse taal & cultuur, Amsterdam.

Het fin de siècle van Parijs kenmerkte zich door een enorme groei van allerlei kunststijlen en maatschappelijke bewegingen. Aan de hand van het lied A Saint-Lazare zien wij hoe deze twee ontwikkelingen hand in hand konden gaan.

De gewone man als muze
Tussen 1889 en 1904 schreef de Parijse chansonnier Artistide Louis Armand Bruant de driedelige liedserie Dans la rue, waarin hij verhalen bezingt over Parijzenaren, die zich elke keer op een typerende Parijse plek bevinden. Zo behandelt hij de gevangenis La Roquette en de kunstenaarswijk La Batignolles. Meestal betreffen zijn liederen tragische situaties en Bruant stond er dan ook om bekend zich te beklagen over het lot van minderbedeelden. Als uitgesproken socialist zong en schreef hij veel over de lagere samenlevingsklassen, waarbij hij deze als slachtoffer van het systeem en de maatschappij weergaf. In het lied A Saint-Lazare toont Bruant zijn hoofdrolspeelster echter niet slechts als slachtoffer van het systeem, maar ook van de man.
Lees verder

Standaard
Poëzie & Proza, Rebecca Zeinstra

En weer opnieuw

Rebecca Zeinstra;
Politicologie, Amsterdam.

In mijn hoofd doe ik altijd alles goed.
Mijn woorden worden daden
en wat ik aanraak behoudt zijn gloed.
Totdat het anders moet.

Mijn woorden worden hol
en er zijn doolhoven verscholen in elke emotie
die ik uit. Ze besluit
dat mijn ademhaling te veel condens
achterlaat. Ik maak vaart

naar mijn volgende verandering.
Het maakt me niet echt uit
dat ze me gebruikt. Ook al is dat parfum
op mijn lakens niet van haar of van mij.
We staren naar boten die elkaar
net niet raken. Onze handen doen hetzelfde.

De laatste aanpassing is eindelijk daar.
Mijn hart is geen anker meer maar een spaan
die op een gemiddeld tempo het water raakt.
Er is een wereld aan eigenschappen
die ik bij de kust achterlaat. Het is
immers te laat

om nu nog terug te gaan.

Standaard
Chiara Staal, Opinie

Roep om verbinding van een bijna verloren stem

Chiara Staal;
Psychologie, Amsterdam.

Als zogeheten millennial maak ik mij meer dan eens zorgen over de toekomst. Niet alleen over mijn persoonlijke toekomst, maar voornamelijk over allerlei ontwikkelingen in de samenleving. Recent nog bereikte mij het bericht dat de AfD, alhoewel niet de grootste, terrein had gewonnen bij onze Oosterburen. Ditzelfde gold in maart voor de PVV van Geert Wilders en de leden van het Brexit-kamp in Groot Brittannië. Gefrustreerd kijk ik toe hoe oudere generaties het politieke en maatschappelijke landschap voor de komende decennia vormgeven, terwijl ik voor mijn gevoel machteloos aan de zijlijn sta. Hopend op en vragend om tolerantie en empathie, maar ik lijk mijn stem verloren te zijn. Of misschien niet geheel verloren, maar ik verlies de moed en energie om tegen het onbegrip in te gaan. 
Lees verder

Standaard
Opinie, Sjoukje Croux

All bladders are equal

…but some bladders are more equal than others.


Sjoukje Croux;
Journalistiek, Amsterdam – Filosofie, Utrecht.

Afgelopen zaterdagochtend, om een uur of 6, liep ik bescheiden beschonken over het Heinekenplein. Het was laat genoeg voor cafés om gesloten te zijn, en te vroeg voor koffietenten om open te gaan. Mijn blaas klopte in mijn buik en seinde naar mijn brein dat hij snel geleegd zou moeten worden. Wetende dat een sociaal geaccepteerde oplossing niet op het programma stond, gebaarde ik naar de vriend waar ik mee rondliep dat hij zich even moest omdraaien. ‘Sorry Joep, maar de nood is aan de man.’ (Hah). Lees verder

Standaard
Luc Vorsteveld, Poëzie & Proza

Gevallen fruit

Luc Vorsteveld;
Politicologie, Amsterdam.

We vinden elkaar tussen gevallen fruit
verscholen tussen bladeren, denkend aan vroeger
jij ruikt naar boomgaard en ik naar slaap
je kijkt niet naar mij om in de kou van de nacht
en ik kijk vooruit, mijn armen gespreid
een lach en je drinkt je tranen voordat
ik ze met de muis van mijn hand voorzichtig
weg kan vegen, we voeren een zacht gesprek
ik hoor haast niet wat ik zelf zeg maar het is goed.

We tellen af tot de volgende dag en leggen onze
hoofden naast elkaar op pas gemaaid gras
een lach
en onder de vlag van wij zijn en wij willen
veroveren we de golvende velden,
de bomen bloeien en het fruit zal
als uit het niets verschijnen tussen takken
en vingers, onder je ogen gerimpelde huid
als de perzik, het sap droop van je kin
en je lachte, alsof je het verwachtte
denken aan vroeger en ook aan vandaag
de kou uit je hart sluitend en je
draait je eindelijk om, een moe gezicht
want rusten kan altijd nog.

We tellen de seconden tot de volgende dag
en ik hoor mijn eigen stem in de verte
en de jouwe van dichtbij
wij zijn vrij en opgesloten
de bomen overstemmen mij
wij zijn voor altijd gevallen fruit
tellend tot de morgen die misschien
nooit komen zal.

Je wenst me
goedenacht.
Rust zacht.

Standaard
Opinie, Sophie Janssens

De Nederlandse pot verwijt de buitenlandse ketel

Sophie Janssens;
Geschiedenis, Amsterdam.

Het is opvallend, maar geenszins vreemd dat mijn bewustzijn omtrent mijn Nederlandse identiteit het hevigst aanwezig is wanneer ik mij bevind in een omgeving met mensen met andere nationaliteiten. Dit komt logischerwijs het vaakst voor in de vakantieperiode. De avond voordat ik naar het vakantiehuis van mijn familie in het zuiden van Frankrijk vertrok, zat ik met drie andere gasten rustig wat te babbelen in mijn stamkroeg, tot er een tiental Amerikaanse Yale studenten binnenkwam. Precies zoals ons vooroordeel het voorschrijft namen ze de kroeg in één minuut fysiek en verbaal totaal over. Gedwongen staakten wij onze gesprekken voor enkele minuten omdat de Amerikanen het eerst eens moesten worden over wat ze precies zouden bestellen (ieder een pint en een tequila) voordat wij onszelf weer verstaanbaar konden maken. Geërgerd liep ik naar buiten, waarop een student vroeg: ‘We’re not driving you away, are we?’ Ik antwoordde dat ik een sigaret ging roken, waarop er gelachen gereageerd werd met: ‘Oh, of course, we’re in Europe!’ Lees verder

Standaard
Chiara Staal, Opinie

Dolle pret bij mijn pretstudie

Chiara Staal;
Psychologie, Amsterdam.

Onlangs werd ik geconfronteerd met een vlog, waarin Annabel Nanninga, freelance journaliste, een tirade afsteekt tegen de zogeheten pretstudies. Nanninga, die volgens haar biografie op Twitter ‘geen boodschap heeft aan gekwetsten’, propageert een numerus fixus voor alle pret- en creatieve studies. Hieronder rekent zij – ik citeer – ‘vrouwenstudies, de Finoegrische talen, de sociologie, antropologie, politicologie en psychologie.’ Deze opsomming sluit Nanninga af met de woorden: ‘Prachtig, maar je hoéft niet te studeren hè?’ Alsof elke politicologie, psychologie, sociologie of talenstudent op een blauwe maandag heeft besloten om zich zonder enige interesse voor die ene studie in te schrijven.  Lees verder

Standaard